Röntgen: Aus Jotunheim
door Paul van Zelm

Rond het jaar 2000 speelde ik enkele seizoenen lang met de hoboist Maarten Karres en zijn vrouw Ariane een prachtig programma, rondom de vriendschap tussen Julius Röntgen en Edvard Grieg. Gespeeld werden de hobosonate van Röntgen, enkele liederen en pianowerken van Grieg, waaronder het stuk „Sehnsucht nach Julius“, opgedragen aan Röntgen (later “Resignation“ opus 73 nr. 1). Als hoofdwerk voor de hoorn speelde ik de suite Aus Jotunheim voor hoorn en piano, een vijfdelig werk, baserend op noorse volksmuziek. Om de genoemde vriendschap tussen Grieg en Röntgen toe te lichten, lazen we brieven en fragmenten uit een biografie voor.
De beiden komponisten maakten in 1875 kennis in Leipzig. Toen Grieg in 1883 Amsterdam bezocht, nodigde Röntgen hem bij zich thuis uit om te verblijven. Het plan was, dat Grieg 1 dag zou blijven. Grieg had Röntgen geschreven: „ik verheug me er bijzonder op, u en uw vrouw weer te ontmoeten. Zorg er altublieft voor, dat die ene dag 48 uur duurt!“ Het liep anders: Grieg zou een hele maand bij Röntgen blijven. Sindsdien waren de beiden Komponisten door een warme vriendschap verbonden, tot Griegs dood in 1907.
In de jaren daarna zou Röntgen maar liefst 14 keer naar Noorwegen reizen om Grieg te bezoeken, meestal in de zomer. Er werden dan dagenlange trektochten door het gebergte „Jotunheimen“ ondernomen, telkens ook met het doel, Noorse volksliederen te horen en deze op papier te zetten. Röntgen schreef hierover: „Jotunheim is een wereld voor zich, slechts in de zomer door herders bewoond. Met Grieg samen ging de reis per paardenkar en een roeiboot over het Sognefjord naar Skjolden. Het was een warme namiddag in augustus en we lieten, liggend op hooizakken, het grootse landschap aan ons voorbijtrekken.“ Later schreef Franz Beyer, vriend en reisgenoot van Röntgen, het volgende: „Na de overnachting in een berghut mochten we mee de wei op om de koeien te melken. Ook daarbij werden natuurlijk de Noorse volksliederen gezongen en deze werden nog tijdens het zingen, met het notenpapier op de rug van de koe liggend, quasi „vers van de koe“ opgeschreven!“ Uit deze liederen en melodieën is in 1892 de Suite „Aus Jotunheim“ ontstaan. Aanvankelijk voor viool en piano, als geschenk voor het 25 jarig huwelijk van Grieg en zijn vrouw Nina. In 1901 was de versie voor hoorn en piano, voor de bekende weense hoornist Luis Savart geschreven. Voor Savart schreef Röntgen nog een werk: Variationen und Finale über „Sankt Nepomuk“.
In de bovengenoemde concerten speelde ik het stuk uit het manuscript, dat zich tegenwoordig in het Nederlands Muziek Instituut in Den Haag bevindt.
In 2003 verscheen een gedrukte versie van de hand van John Smit (die heel toevallig ook mijn eerste hoornleraar was). Toen ik in de herfst van 2022 een aantal korte video ́s opnam om op het internet te publiceren, was het voor mij een logische keuze om enkele delen van de Jotunheim Suite op te nemen: in zijn genre (hoogromantiek) is het stuk een waardevolle aanvulling op ons repetoire.